Wat gebeurde er in en rond Renkum in het jaar 1887

jul 11, 2013 No Comments by

We schrijven het jaar 1887. In de Oosterbeekse bossen van de heren Van Emden en de graaf Van Limburg Stirum was het – in het begin van de maand augustus- een drukte van belang. Op dinsdag de negende kwamen er jagers samen voor een drijfjacht op vossen. De sluwe, snelle dieren maakten het de jagers niet gemakkelijk. De bossen werden rap tempo doorkruist.

De drijfjacht werd gehouden omdat veel dorpelingen ‘smorgens tot de ontdekking kwamen dat Reintje de Vos op nachtelijk bezoek was geweest in het kippenhok. Voor een vos lijkt een kippenhok waarschijnlijk net zo aantrekkelijk, als voor de mens rijen gedroogde worsten aan een plafond. Hoewel menigeen het kippenhok verstevigde, zagen de vossen keer op keer kans in te breken. Dat kon zo niet blijven doorgaan. Geen eieren en geen kip op stok. Wat niet het ergste was, want er was toch geen haan meer die ernaar kraaide. Enfin, uiteindelijk kregen de jagers drie vossen te pakken. Een jachtbuit die opgezet en wel eindigde als pronkstuk in een villa. Die vossen zullen dat ook niet hebben kunnen vermoeden toen ze erop uit trokken om een maaltijd voor hun jongen te verschalken.

Op dezelfde dag dat in Oosterbeek de vossen buitgemaakt werden, werd er in Renkum – ten hoogte van de steenfabriek van Van Wijck- een lichaam uit de Rijn gehaald. Een naakt lichaam was het. Nadat de wethouder samen met de gemeente- veldwachter een onderzoek had ingesteld, bleek het te gaan om de achttienjarige schoenmakersknecht Cornelis G, die in Heteren bij schoenmaker Jansen in dienst was. De knaap was tijdens het zwemmen blijkbaar verrast door de gevaarlijke stroming in de rivier. Misschien was hij wel in een verraderlijke draaikolk terecht gekomen, wie zal het zeggen. De moeder van het arme joch woonde in Arnhem. Om de vrouw zo spoedig mogelijk van het ongeval op de hoogte te brengen, werd per telefoon het bericht doorgegeven aan het politiebureau in Arnhem. Je zult degene maar zijn die de onheilstijding bij de moeder brengen moet. Dat is geen makkelijke opgave. Zo zal het ook geen fijn werk zijn geweest om die verdronken jongeling in linnen te wikkelen en in het lijkenhuis te plaatsen. Het is een feit dat de verdronkene daarheen werd gebracht. Lang is het lichaam daar niet geweest, want op verzoek van de moeder is het nog dezelfde dag naar Arnhem vervoerd. De vrouw was ontroostbaar, werd door de mensen gezegd die later bij de begrafenis aanwezig waren.

Hoe ontroostbaar deze vrouw was, zo gelukkig was de familie B. van Os uit Renkum, nauwelijks drie weken later. Hun tweejarige zoontje was zaterdag 27 augustus vlakbij de woning in een beek gevallen en bewusteloos uit het water gehaald. Een drama, maar gelukkig kon Dokter Thomas het leven van de kleine redden. De ouders waren dolgelukkig toen hun zoon hen toelachte. Hoe anders was het voor het meisje dat eerder dit jaar in Oosterbeek gevonden werd.

Hooimijt en bliksemschichten

Vroeg in de morgen van een dag in april trof de politie een tienjarig meisje aan in een hooimijt. Het kind was er in weggekropen en had er de nacht doorgebracht. Aanvankelijk wilde ze niet vertellen waar ze vandaan kwam en zei uiteindelijk dat ze in Arnhem woonde. Even later beweerde ze in Wageningen te wonen. Het meisje bezorgde de politie veel werk. Na onderzoek kwam vast te staan dat ze in Doetinchem woonde. Na het meisje op haar gemak gesteld te hebben, durfde ze wat meer te praten en vertelde ze van huis weggelopen te zijn omdat haar vader voortdurend dronken was en ook vanwege de vechtpartijen tussen haar ouders. Hoe eenzaam zal het kind zich gevoeld hebben.Qua temperatuur was het aangenamer geweest om een nacht in de hooimijt tijdens de zomer door te brengen, in plaats van in het voorjaar. Hoewel in zwoele zomernachten het onweer flink kon spoken.

Zo sloeg op zaterdagmiddag drie september in Renkum de bliksem fel in bij een boerderij, waardoor de schoorsteen en een gedeelte van het dak verloren gingen. Bij de bakkerij sloeg de bliksem in het achterhuis en doodde een varken. Jammer, maar gelukkig had de man nog brood op de plank. Bij de steenfabriek van Wolff & Co sloeg de bliksem in een ovenloods zonder veel schade aan te richten. Op het landgoed De Keijenberg werden tientallen bomen door de bliksem getroffen.

Stekels en varkens

Elk huishouden hield wel kippen en konijnen, zoals ook de meeste huishoudens een of meerdere varkens hielden. Sommige hielden ook geiten of schapen. De schapen werden vaak door een schaapherder opgehaald en meegenomen in de kudde waarmee hij over de heide trok. Dieren werden natuurlijk ook weleens ziek. Geiten bijvoorbeeld hadden weleens last van de zogeheten ‘klem in de bek’. Op een of andere manier waren ze dan niet bij machte om te kauwen. Een dierenarts was voor veel mensen niet te betalen en dus werd toevlucht genomen tot huismiddeltjes. Zo werd bijvoorbeeld bij ‘klem in de bek’ wel wat pek op het gehemelte van de geit gesmeerd. Het dier wilde dit kleverige goedje weg hebben en haalde de tong voortdurend langs het verhemelte. Op die manier werden de kaakspieren soepeler.Een mager, kreupel varken werd tot beweging uitgedaagd, door het voer op een afstand van hem te leggen.

In augustus van het jaar achttien honderd zevenentachtig was de prijs voor vette varkens laag. Boeren slachtten hun varkens en verkochten deze voor de prijs van vijfentwintig tot dertig cent per pond. Bij de slager moest de klant vijfendertig à veertig cent het pond neertellen.

Met deze ontwikkeling profiteerden niet alleen de gegoeden,maar ook de minderheid van een lage prijs voor een goede kwaliteit. De slagers te Oosterbeek die het vlees steeds aan de dure kant hielden, kregen in deze tijd concurrentie van een vleeshouwer uit Arnhem die in dit dorp een geschikt gebouw aankocht met het plan de vleeshouwerij op uitgebreide schaal uit te oefenen. Niet alleen was het door hem gehouwen vlees van uitstekende kwaliteit,maar werd ook nog eens tegen lage prijzen aangeboden. Een bewijs dat met vet vee grote winsten werden behaald bleek wel uit het feit dat landbouwer Van Remmerden op Oranje Nassau’s Oord een vette stier slachtte, waarvoor men hem slechts vijftig gulden geboden had. Hij verkocht het vlees voor twintig cent per pond en ontving voor al het verkochte vlees maar liefst tachtig gulden!

Een ander nieuwtje dat nog bewaard is gebleven uit deze tijd is het verhaal van het stekelvarken. Een man had eens een stekelvarken gevangen.Normaal zijn deze dieren erg schuw, maar met veel geduld wist de Renkumer het beestje zo mak te maken dat het in en uit liep als een huisdier. Groot was de verassing toen het dier in deze zomer ineens op kwam dagen met zes jongen in het kielzog.

Vreemd geld

Een van de vreemdste dingen die er dit jaar gebeurde was wel de ontdekking van vreemd geld in het dorp Renkum. Veldwachter J. Kramer deed een zeldzame ontdekking. In de papierfabriek van de heer J.Beuker zou een meisje vreemd bankpapier in een baal snippers gevonden hebben. Met behulp van de burgemeester en wethouder lukte het de veldwachter in de woning van de ouders van het meisje, een gedeelte van dat bankpapier terug te vinden. De vader had in Arnhem al een deel van het gevonden geld ingewisseld en er kleding voor het gezin van gekocht. Zowel geld als goederen werden in beslag genomen. Later zou blijken dat het om Pruisische bankbiljetten ging, die teruggegeven werden aan de rechtmatige eigenaren; de heren Labouchere en Oijens, wonende te Amsterdam.

Verjaardag en spek

Koninklijk nieuws uit dit jaar was de viering ter ere van koning Willem III, die zo af en toe op zijn residentie Oranje Nassau’s Oord verbleef. De koning werd dit jaar zeventig. Een feit dat uitbundig gevierd werd in het dorp Renkum. Behalve dat alle leerlingen van de openbare- en bijzondere scholen een afbeelding van de koning kregen, werden ook de armen bedacht. Het gemeentebestuur deelde aan meer dan honderd arme huisgezinnen elk twee krentenbroden en een flink stuk spek uit. Je kunt je voorstellen dat niet alleen de armen, maar ook de bakker en de slager content waren met dit vriendelijk gebaar .

De dansvereniging Oranje Nassau en een zangvereniging uit Renkum hielden in samenwerking met het muziekkorps De Harmonie uit Wageningen een optocht, die gevolgd werd door een bal in het logement van de heer E. v.d.Born. Kort na zijn zeventigste verjaardag bleek Koning Willem III te lijden aaneen nierziekte. Hoogte en dieptepunten dus in deze maanden van het jaar achttienhonderd en zevenentachtig.

Bronnen: Krantenberichten uit het nieuwsblad De Neder -Veluwe
Foto: Dokter A.J.A. Thomas

OUD RENKUM

About the author

The author didnt add any Information to his profile yet
No Responses to “Wat gebeurde er in en rond Renkum in het jaar 1887”

Leave a Reply